donderdag 28 februari 2019

Miss Lizzie

Foto's Josine Vingerling


Josine Vingerling heeft een nieuw paardenbeeld geboetseerd. Persoonlijk vind ik het de mooiste, tot nu toe. Miss Lizzie ligt inmiddels bij de gieterij in Tennessee, er zullen maximaal 180 exemplaren worden uitgegeven.

Deze merrie is niet vernoemd naar het plaatje van de Beatles (zoals ik eerst dacht), maar naar Lizzie Johnson Williams (1840-1924), een stoere Amerikaanse die de Cattle Queen of Texas werd genoemd.

Meer informatie HIER.



Hier nog lang niet af.

woensdag 27 februari 2019

Onder de paardendeken; Russische winterverhalen


Een dieet van veel strips deze weken (want leesdip). Pretentieuze, literair verantwoorde strips voor volwassenen en mooie integrale heruitgaven van geliefde albums uit mijn jeugd. Puur genieten is dat, maar soms wil je toch weer wat ‘steviger kost’. Ik besloot kalmaan te beginnen met een verhalenbundel. In dit geval de sfeervolle verzameling Russische winterverhalen van Van Oorschot, Onder de paardendeken, die al een tijd op mijn lijstje stond. Ik werd niet teleurgesteld, grote klasse deze bloemlezing vol bekende namen (o.a Tsjechov, Boenin, Dostojevski, Gogol en Boelgakov). 

Eigenlijk is onze eigen winter veel te warm voor dit ijzige leesgenot. Deze verhalen met oneindig veel sneeuw, nachtelijke tochten, wolven en doodgevroren personages vragen om koude ontberingen, gevolgd door de troost van een pruttelende samovar.

dinsdag 26 februari 2019

Bespaartip radiatorfolie


Dit is niet de vrekkenkrant. Toch wil ik jullie in dit krankzinnig dure jaar 2019 deze eenvoudige bespaartip niet onthouden.

Deze winter is tot nu toe niet superkoud gebleken, maar een beetje extra isolatie kan nooit kwaad natuurlijk. Als je, net als wij, in een wat ouder huis woont (waarbij de radiator tegen een niet geïsoleerde muur aan zit) kun je bijvoorbeeld de radiatoren van je centrale verwarming aan de achterklant beplakken met speciaal radiatorfolie van de isolatiespecialist. In ons geval zouden de materiaalkosten dan ongeveer 70 euro bedragen. Maar omdat gewoon keuken-aluminiumfolie uit de supermarkt een vergelijkbaar resultaat geeft (zie hier) was de keuze snel gemaakt. Materiaalkosten slechts 8 euro, daarbij inbegrepen het dubbelzijdig radiatorfolieplakband (of hoe heet zoiets) van de bouwmarkt. Die is echt noodzakelijk, want gewoon plakband werkt hier niet.

Ik weet natuurlijk niet wat het ons effectief gaat besparen, maar 50 euro per jaar zou best kunnen. De muur achter de verwarming voelt nu inderdaad koud aan.

maandag 25 februari 2019

De krokus en de hommel


Voorjaar in februari. Koffie en vlaai in de tuin. Zon.
Naast mij een dikke hommel enthousiast in de weer met een krokus. 




zaterdag 23 februari 2019

Erwin Olaf, dubbeltentoonstelling


Als je iets verrassends wilt zien, deze vakantie bijvoorbeeld, ga dan vooral naar de expositie van Erwin Olaf in het Gemeentemuseum in Den Haag. Een mix van fotografie/film/sculptuur, maar vooral foto’s natuurlijk. Het Gemeentemuseum toont het werk van Olaf vanaf 2000 tot nu. Ikzelf heb er enorm van genoten. Trefwoorden: bizar, vervreemdend, spannend.

Deze foto heeft wel iets van een schilderij van Hopper.

Er is ook een zaal met foto’s die Erwin Olaf van het gezinnetje Van Oranje maakte. Die vond ik erg goed, terwijl ik hier normaal gesproken niet veel mee op heb. Erg origineel en gedurfd ook van koning en koningin om met deze fotograaf in zee te gaan. De man heeft toch een zekere stoute reputatie en denk bijvoorbeeld aan zijn serie Royal Blood. Het resultaat mag er zijn in ieder geval. Over een paar honderd jaar kijken mensen naar deze foto’s, zoals wij nu op schilderijen naar de vorsten van ‘toen’. Alex en Max hoeven zich hier niet te schamen.


Als je er helemaal geen genoeg van kunt krijgen (zoals wij) kun je ook nog naar het naastgelegen Fotomuseum. Hier wordt het vroege werk van Olaf getoond, veel jaren 80, voornamelijk in zwartwit. Trefwoorden: Sodom en Gomorra, Jeroen Bosch, SM en heel veel eh, jongeheren. Net als in het Gemeentemuseum was het hier erg druk met bezoekers. Ik had nu en dan het gevoel in een cartoon van Gummbah verzeild te zijn geraakt. 

Als je de expositie(s) wilt zien heb je nog tijd genoeg, 12 mei 2019 is het afgelopen.

zaterdag 16 februari 2019

Albert Speer in Katwijk

Sinds de voltooiing van het Kustwerk in 2015 heeft Katwijk nu ook haar eigen evenementenplein. Strategisch gelegen tussen strand en Boulevard in de sterk verbreedde zeereep ligt het indrukwekkende Strandplein.

Niet veel mensen weten (nog) dat het hier een oud ontwerp betreft van de bekende Duitse architect en stedenbouwkundige B.K.H.A. Speer (1905-1981), ooit speciaal bedacht voor Katwijk en enkele jaren geleden weer opgediept uit een gemeentelade.


Vanaf het strand gezien (2019).

Vanaf de Boulevard gezien (2019).

Zelfde plek in 2012.

De ouders van Albert Speer, Albert Sr. en Luise, waren jarenlang trouwe badgasten in Katwijk. In de zomers van de jaren tien van de vorige eeuw logeerden zij in het pension van de familie Duijnvisser in de Rokerijstraat. De kleine Albert heeft heel wat uren doorgebracht op het Katwijkse strand en daar vele mooie herinneringen aan overgehouden. In zijn autobiografie zijn daar talloze voorbeelden van terug te vinden.*

Kleine Albert was dagelijks op het strand te vinden (1912).

Speer, nu vooral bekend om zijn grootse bouwwerken en pleinen die door critici soms als megalomaan beoordeeld worden, zag de zaken toen ook al graag wijds en ruim en de jonge knaap kon zich dan ook danig ergeren aan de, in zijn ogen, ‘kneuterigheid’ van de Boulevard op zijn vakantieadres.

Vooral de smalle strandopgang bij de Voorstraat was een doorn in zijn oog. Veel te toegankelijk, van de Boulevard af was je onmiddellijk op het strand. Daar moest minstens 200 meter bij, vond Albert. Op een ansichtkaart aan zijn geliefde tante Gertraud in Mannheim doet hij zijn beklag: "beschränkt".

De band met Katwijk is voor dhr. Speer altijd warm en hartelijk gebleven. In de jaren veertig werkte hij dan ook graag mee aan een plan van de toenmalige regering voor de herinrichting van de Boulevard. Die was noodzakelijk geworden in verband met de ontwikkeling van een moderne kustverdediging. Een unieke gelegenheid voor Speer om Katwijk alsnog een groot evenementenplein te kunnen schenken. Zijn droom kwam uit. Daarnaast ontwierp hij een ondergronds coördinatiecentrum in verband met een Engels conflict met de rest van Europa.

Aan de tekentafel voor Katwijk.

Al met al een hele eer voor de kleine kustplaats, want A. Speer was inmiddels een beroemd en veelgevraagd architect. In zijn woonplaats waren reeds tal van belangrijke gebouwen van zijn hand verrezen, en imposante pleinen voor grootschalige evenementen.

De samenwerking met de beton- en cementindustrie, de Katwijkse aannemers alsmede het gemeentebestuur was hartelijk te noemen. De burgemeester toonde zijn goede wil en wist zelfs van de opgelegde nood een deugd te maken door ongevraagd enkele aansluitende oeroude buurtjes te verwijderen die al jarenlang de gemeentelijke plannen belemmerden.

Speer poseert voor de Katwijkse beeldenroute.

Na een wisseling van regering verdwenen Speers ontwerpen enkele decennia in een lade, maar in 2014 was de geschiedenis aan een herhaling toe. Er waren opnieuw plannen voor een kustverdediging en de ideeën van de Duitse architect konden hierin moeiteloos geïntegreerd worden. En ook dit maal wist het gemeentebestuur de situatie te gebruiken om wat eigen wensen er door te drukken, zoals permanente strandpaviljoens langs de hele kustlijn. 

De cirkel is inmiddels weer helemaal rond, nu Engeland een nieuw conflict heeft met de rest van Europa.

Een eerste schets van het coördinatiecentrum (jaren 40).

En dit is het geworden (2015).



*Ruimte en levensruimte; Albert Speer, een autobiografie
  B.K.H.A. Speer
  Uitgeverij Bronckzaal
  Almelo, 1966

donderdag 14 februari 2019

Het Zand van Monsieur Hulot


Op de relikwieënplank van een van mijn boekenkasten staat dit kleine potje. Het is mij zeer dierbaar. Het is gevuld met zand van het strand van Saint-Marc-sur-Mer. Een goede ziel heeft het ooit voor mij meegenomen, helemaal uit Frankrijk.

Op het strand van Saint-Marc-sur-Mer werd in de zomer van 1951 door Jacques Tati Les Vacances de Monsieur Hulot opgenomen, niet toevallig een van mijn lievelingsfilms. 



maandag 11 februari 2019

Dakota van zand

Gezien in Katwijk.


Zandsculptuur van een Dakota door Wilfred Stijger en Edith van de Wetering.


Persoonlijk vind ik kleinere zandsculpturen mooier, zo'n vliegtuig is toch wat massaal en log. Maar het is wel knap gedaan, met veel details.


De Dakota is gemaakt voor een ondernemersevenement opgehangen aan het thema 'Soldaat van Oranje'.


Dit is negen dagen eerder. Wilfred Stijger (rechts) is nog druk bezig.


Edith van de Wetering op de nog kale romp van het toestel.




Veertien dagen eerder. De hoofdlijn van de romp.


Drieëntwintig dagen eerder. Het oerbegin.


Doorgeschoten ondernemersdrift. De combinatie Soldaat van Oranje en pizza. Daar zou Erik Hazelhoff Roelfzema vast heel blij mee geweest zijn.

zaterdag 9 februari 2019

Agent Orange en de Leesdip

Al veel te lang inmiddels word ik geplaagd door een hardnekkige leesdip.
Er ligt hier nog een mooi stapeltje en ik heb een echt leuk lijstje, maar wat ik ook lees, het smaakt me niet. Ik kan de ware leesvreugde niet (meer) vinden. Wat te doen? Ik zou boeken die ik in het verleden erg goed vond kunnen herlezen, maar misschien eindigt dat ook in een bummer. Het leek me een veel beter idee om een tijdje te freewheelen en strips te gaan lezen, veel strips. Een grote jeugdliefde


Mijn enthousiasme werd gevoed door mijn eerste vangst, een strip voor volwassenen.  Het is een deel uit de reeks Agent Orange, waarmee Prins Bernhard wordt bedoeld. Zijn oorlogsjaren worden hier zeer kritisch belicht, op een ‘schavuit van Oranje’-achtige manier. Erg goed, prachtig getekend in de klare lijn stijl. Ik heb er erg van genoten.



Agent Orange; De oorlogsjaren van Prins Bernhard.
Deel III; De affaire King Kong
Door Erik Varekamp en Mick Peet. 
Uitgeverij Van Praag, 2012

zaterdag 2 februari 2019

Soldatenliederen en zedenbederf

Laatst las ik het verhaal Uit de herinneringen van soldaat Ivanov uit 1882. Het stond in een bundel van de Russische schrijver Vsevolod Garsjin. De hoofdpersoon van dit verhaal heeft zich vrijwillig bij het leger gemeld. Het is 1877 en voor de zoveelste keer is er oorlog met de Turken uitgebroken. Met zijn kameraden Fjodorov en Zjitkov (en de rest natuurlijk) marcheert hij naar het front. Het is een mooi verhaal over het soldatenleven en kameraadschap. Onderweg wordt er veel gezongen, vooral Fjodorov (22) doet erg zijn best: ‘Als er ‘Zingen, jongens!’ werd geroepen leidde hij met zijn zuivere tenor, die in de hoogste regionen in een kristalheldere falset overging.’ 

Als er een rustperiode in het vooruitzicht komt is iedereen extra vrolijk en begint te zingen. Fjodorov klinkt boven iedereen uit en zet allerlei liederen in. Het regimentsgezang, een historisch vers over tsaar Peter, een beroemd lied getiteld Het was onder Poltava en ‘een ongerijmd, onzedelijk maar ontzettend populair deuntje over een zekere Liza die het bos in loopt en daar een zwarte tor aantreft, waarna er van alles gebeurt.’

Ik kan er niets aan doen, maar hier wordt mijn nieuwsgierigheid gewekt en zou ik dolgraag kennis nemen van de complete tekst van dit onfatsoenlijke (maar zeer waarschijnlijk ook grappige) lied en het verhaal van die Liza. Soldatenliedjes, al dan niet betamelijk, zijn van alle tijden. Gewoon, omdat het lekker marcheert natuurlijk. In het verhaal legt Fjodorov het aan Ivanov uit: ‘Het heeft niks te betekenen. Zingen kan je het niet noemen, het is meer geluid maken om je borstkas te trainen. Bovendien loop je dan lekkerder.  Als we het zingen moe zijn nemen de muzikanten het over. Het volume en ritme van een opgewekte mars pept iedereen op. Zelfs als je bekaf bent krijg je er weer zin in en ga je keurig in de pas en in het gelid lopen, zodat het hele bataljon er plotseling totaal anders uitziet. Ik weet nog hoe we eens meer dan zes kilometer binnen een uur aflegden zonder een spoor van vermoeidheid – zolang er marsmuziek klonk.’*


In 1915 nam de Nederlandse legerleiding kennelijk niet het risico van zedenbederf. De soldaten kregen een zangbundel uitgereikt vol met verantwoorde en motiverende liederen. ‘Uitgegeven op last van den Minister van Oorlog’ staat er op de omslag. De selectie pakt vooral vaderlandslievend en koningsgezind uit natuurlijk, maar er is toch ook nog ruimte gelaten voor beschaafde jolijt. Over knappe meisjes die graag vrijen, dansen en/of trouwen bijvoorbeeld. Op het randje is het lied over ene Karlijntje, ‘blond als vlas’ die iets onduidelijks doet met ‘een stoute vlugge kerel’ achter op een boerenkar. Hoe dat er ingeslopen is weet ik niet. Dat wordt weer kamferballen voor de jongens.






*Citaten uit:
Vsevolod Garsjin: De beren en andere verhalen
(Vertaling: Hans Boland)
Athenaeum-Polak & Van Gennep, 2011