maandag 24 juni 2013

Haflingers in Ebbs


Haflingers zijn leuk. Het paardenras uit Oostenrijk is overbekend. Met hun lage schofthoogte zitten ze ergens tussen paard en pony in, een grensgeval, maar ik vind het duidelijk een paardje. Een pony is voor mij een paard waar ik zo overheen kan stappen.

Haflingers zijn opmerkelijk stoere paardjes, maar met een prettige 'Penny-uitstraling'. Want welk meisje wilde op zekere leeftijd nu niet zo'n leuke voskleurige lieverd met een blonde kuif? Maar intussen wordt dit ras wel volop gebruikt door het Duitse en Oostenrijkse leger. Ze zijn dan ook uiterst robuust, werkwillig en betrouwbaar, want oorspronkelijk gefokt als trek- en lastpaard voor in de bergen.

Als je in Oostenrijk in de bergen wandelt is de kans groot dat je ze tegenkomt. Soms een hele groep tegelijk. Ik herinner me een anekdote van wandelaars die ergens in the middle of nowhere werden omsingeld en min of meer van hun lunchpakketjes werden beroofd door een clubje baldadige Haflingers.










Het gezegde 'van achter een boer, van voor een prins' past goed bij de Haflinger, want die heeft onmiskenbaar edele kenmerken. Het hoofd bijvoorbeeld heeft Arabische invloeden. Bij het ontstaan van het bergpaardje zijn er diverse rassen ingekruist, ook Spaans/Iberische. En wellicht zelfs Napolitaner bloed? Wie zal het zeggen. Dit ras is inmiddels uitgestorven.

De roots van de Haflinger liggen in Zuid-Tirol, dat is nu Italië. En Tirol is nog steeds het wereldcentrum van de Haflinger fokkerij. In Ebbs in Oostenrijks Tirol ligt hét Haflinger Walhalla: de Fohlenhof.  Je kunt het bezoeken en de prachtige kampioenen in hun extreem schone stallen bekijken. Er is ook een museum. Vorig jaar nog moest het centrum haar Haflinger bestand halveren na een paar moeilijke jaren met financiële problemen en een schandaal rond machtsmisbruik en belangenverstrengeling . Het imago van de paardjes is hier duidelijk vrolijker en eerlijker dan de mensen die er mee omgaan.










donderdag 20 juni 2013

Knut aus Berlin


Er komen opmerkelijk veel mensen speciaal naar Naturalis om Knut te zien.

Knut?? Het gaat hier om een beroemde ijsbeer uit Duitsland. Geboren in 2006 in de dierentuin van Berlijn en verstoten door zijn moeder. Zijn tweelingbroertje overleed al na 4 dagen, maar Knut werd door een verzorger met de fles grootgebracht en daarmee gelijk een publiekslieveling. Miljoenen mensen kwamen naar hem kijken, mediahype, merchandising, standbeeld, film, een kinderserie, een lied, munten, postzegels, noem maar op. Het plan was dat Knut als volwassen beer op tournee zou gaan langs verschillende buitenlandse dierentuinen, maar in 2011 is hij verdronken. Het lijkt Michael Jackson wel: nare familie, schattig als kind, commercieel uitgebuit, teveel media-aandacht, tragisch einde.

Knut werd geprepareerd en vervolgens opgenomen in de collectie van het Museum für Naturkunde in Berlijn. En die hebben hem nu voor één zomer uitgeleend aan Naturalis. En het valt mij op hoeveel aantrekkingskracht Knut kennelijk nog steeds heeft op veel mensen, en dat terwijl hij toch in niets meer lijkt op het onweerstaanbare witte beertje dat als een jonge hond aan het dollen is met zijn verzorger, op de filmpjes die dateren uit wat zijn glorietijd moet zijn geweest. In de vitrine staat een grote dode halfvolgroeide ijsbeer, kortom de speelsheid ruimschoots voorbij.

En er zijn in Naturalis toch wel meer ijsberen te bewonderen, waaronder een echt kleintje. Maar ik kan het toch ook wel weer begrijpen. Ik heb het zelf bijvoorbeeld met Stier Herman die hier, niet toevallig, te zien is op dezelfde zaal. En, lang geleden, zag ik  het gebalsemde lichaam van Lenin in zijn mausoleum in Moskou. Hoewel dat natuurlijk van een heel andere orde is. Of toch ook weer niet? In ieder geval was de omgeving daar nogal spannend.

maandag 17 juni 2013

Dunce cap


Een collega vertelde mij laatst over haar (basis)schooltijd in Ierland die op mij nogal Spartaans overkwam. De lijfstraffen bijvoorbeeld, of haar verhaal over de dunce cap. Leerlingen moesten een behoorlijk lange tijd voor straf in de hoek staan, getooid met een hoge puntmuts waarop een grote letter "D" prijkte. Dit was dan opzettelijk bedoeld om deze leerling belachelijk te maken en te vernederen voor de klasgenoten. Het werd niet alleen gebruikt als je iets ondeugends had uitgehaald, maar ook als je een slecht cijfer of resultaat had behaald. Er werd dan sterk benadrukt dat je "dom" was. Mijn collega gruwde er nog van.

Zelf kende ik dit gebruik eigenlijk alleen uit oude strips en films. Ik dacht dat de "D" dan wel voor "Dumbo" of zoiets zou staan, maar dat bleek de plank totaal mis te slaan. Het gaat veel verder. Deze "D" komt van Dunce en dat is weer een verbastering van de naam John Duns Scotus. Dat was een theoloog uit de 13 eeuw wiens volgelingen door tegenstanders geringschattend Duns of Dunsmen werden genoemd. Later werd dit zelfs een scheldnaam, toen in de 16e eeuw Engelse protestanten en katholieken tegenover elkaar kwamen te staan. De Duns waren hardnekkig tegen de nieuwe leer.


De benaming Duns en later Dunce raakte in de loop van de tijd meer en meer met domheid, stupiditeit en onkunde verweven. En uiteindelijk werden "domme" scholieren gedwongen de puntmuts te dragen. Naar verluidt zou John Duns Scotus zijn leerlingen een dergelijke muts hebben aanbevolen om hun concentratie te verbeteren en hun denkvermogen te scherpen. Maar misschien is dat kwaadsprekerij van zijn tegenstanders. De dunce cap wordt overigens voor het eerst genoemd in een boek van Charles Dickens, The Old Curiosity Shop, uit 1840.

Op de school van mijn Ierse collega werden zelfs drie formaten dunce cap gehanteerd, in oplopende gradatie van Domheid. Overigens vind ik het wel opmerkelijk dat op deze toch streng-katholieke school op deze manier indirect een belangrijke katholieke theoloog en filosoof werd bespot. Het zal wel onwetendheid geweest zijn. John Duns Scotus werd in 1991 zaligverklaard.

vrijdag 14 juni 2013

Yoga celebrity


Krishna Das is waarschijnlijk de bekendste westerse kirtanzanger. Zijn cd's worden goed verkocht en hij reist de wereld rond voor concerten en lessen in zalen en grote yogacentra.

Kirtan-zingen komt uit de Indiase hindoeïstische traditie en lijkt op mantra-zingen. Het is een onderdeel van Bhakti Yoga, de Yoga van devotie en overgave. Krishna Das maakt gebruik van akkoordenschema's die typerend zijn voor westerse popmuziek, gecombineerd met sanskrietteksten en oosterse instrumenten. Hij wordt wel eens Yoga's rockstar genoemd.

Krishna Das (geboren als Jeffrey Kagel in 1947) droomde er ooit van blueszanger te worden. Met een groepje scholieren en studenten op Long Island (New York) formeerde hij in 1967 een bandje wat veel later Blue Öyster Cult, een bekende heavy metalband, zou worden. Jeffrey was de zanger van de band maar haakte af lang voor het grote succes.

Hij had grote interesse in oosterse filosofieën en ontmoette Ram Dass, een spiritueel schrijver en leraar. In 1970 verkoopt hij al zijn spullen en vertrekt naar India op zoek naar geluk en zijn guru Neem Karoli Baba (Maharaj-ji). Deze geeft hem zijn nieuwe naam en brengt hem in aanraking met kirtan. Krishna Das heeft er een gelukzalige tijd, maar na twee en een half jaar zend Maharaj-ji hem weer terug naar Amerika.

Niet lang daarna overlijdt Maharaj-ji en Krishna Das komt terecht in een neergaande spiraal van verdriet, zelfhaat en drugsgebruik. De kirtans die hij nu zingt werden uiteindelijk zijn meditatieoefening en hielpen hem zijn depressie en drugsverslaving te overwinnen.

Krishna Das geeft op 2 en 3 juli a.s. twee concerten in Amsterdam.


Mountain Hare Krishna door Krishna Das en Sting

zondag 9 juni 2013

Floating in my tin can


Hij is alweer bijna een maand terug op aarde en het filmpje is alom bekend, maar ik vind het nog steeds onweerstaanbaar. Het staat op m'n iPod en ik draai het vaak, eigenlijk vind ik deze cover nog beter dan het origineel. Astronaut Chris Hadfield zingt Space Oddity van David Bowie op de meest perfecte plaats denkbaar: in de ruimte "floating in a tin can". Geweldig toch?



donderdag 6 juni 2013

De laatsten der Venetianen


Gezien? Gisteren zond de VPRO de mooie documentaire I Love Venice uit.
Onderwerp was de overlast die de bewoners van Venetië ondervinden van het massatoerisme. Zij vinden dat hun stad zo langzamerhand steeds meer op een themapark, een Disneyland gaat lijken. Het aantal inwoners daalt gestaag.

De getoonde beelden van de enorme drommen toeristen zijn inderdaad nogal benauwend. Ik moet er wel bij zeggen dat er gefilmd is op de drukste plaatsen (San Marcoplein en omgeving) en tijdens de drukste perioden (bijvoorbeeld het carnaval). Mijn eigen ervaring is dat het in het voor- en naseizoen best meevalt en dat er genoeg "rustige" wijken zijn, bijvoorbeeld Cannaregio.

Toch hebben de Venetianen zeker een punt, er komen toch zo'n 30 miljoen toeristen per jaar! De kolossale cruiseschepen die de lagune binnenvaren zijn de actievoerders een doorn in het oog. De soms 35.000 extra toeristen per dag die hierdoor aan land worden gezet leveren de stad nauwelijks iets op. Zij bezoeken de San Marcobasiliek, het plein en omgeving en hebben dan Venetië "gezien".

De klachten die door de bewoners worden geuit hebben wel iets dubbels, vind ik zelf, want er wordt zeer zeker dik verdiend aan de toeristen. Ik voel me altijd weer behoorlijk uitgeknepen en uitgemolken na een Venetiëreisje. En passant zijn in de documentaire veel prachtige locaties in de stad te zien en unieke opnamen bij Venetianen thuis.

Gemist? Hier en hier is de uitzending nog te bekijken.

maandag 3 juni 2013

Do fish feel pain?


Yes, they do!

Het is toch raar, dat mensen deze vraag telkens (blijven) stellen, of erger nog: negeren? Dat men er kennelijk vanuit gaat dat een levend wezen zou kunnen functioneren zonder angst en pijn? Laat ik het onwetendheid noemen.

Als vegetariër eet ik geen vlees. "Ook geen vis?" wordt er dan vaak verbaasd gevraagd. Vissen zijn ook dieren, roep ik dan maar weer. Voor veel mensen zijn vissen kennelijk een geheel aparte categorie.

Misschien komt het omdat ze zo anders zijn dan wij, het zijn glibberige beesten die in een andere omgeving leven en die allemaal op elkaar lijken. En anders dan vogels en zoogdieren zijn ze niet aaibaar. Dat beïnvloedt ons denken, ze roepen weinig sympathie op. En dat is eigenlijk heel treurig want mede daardoor zijn vissen het ondergeschoven kindje op het gebied van dierenwelzijn. Mensen denken dat ze zich met vissen van alles kunnen veroorloven. Bij angst of stress hebben ze geen herkenbare mimiek, ze maken geen geluid, ze schreeuwen niet, ze gillen niet bij pijn.


Dat vissen wel degelijk pijn lijden wordt duidelijk uit het zeer lezenswaardige boek van Prof. Victoria Braithwaite Do fish feel pain? (Oxford University Press, 2010).
Reeds in 2003 werd door Braithwaite en haar team het bewijs geleverd dat vissen pijn kunnen lijden, dat ze gevoelens en bewustzijn kennen, dat ze slimmer zijn dan wij vaak denken. Het zijn sociale en intelligente wezens met een langetermijngeheugen, in tegenstelling tot de populaire opvatting dat vissen een geheugen hebben van slechts een paar seconden.

Op de vismarkt van Venetië.

Zoals je kunt verwachten volgde er een stortvloed aan kritiek en hoon. Er spelen dan ook allerlei commerciële en recreatieve belangen rond het exploiteren van vis. Daar zit een enorme lobby achter.
En dan is er ook nog de niet te onderschatten invloed van de christelijke ethiek. Hierin is de visie met betrekking tot milieu, duurzaamheid en dierenwelzijn sterk gekleurd door het begrip rentmeesterschap. Uitgangspunt is dat de mens de hele schepping, planten en dieren, in beheer heeft gekregen. Voor veel mensen is deze bijbelse opdracht een vrijbrief om de aarde volledig uit te wonen, met de natuur en dieren te doen waar zij zin in hebben.


Dit komt ook vaak tot uitdrukking in de visserij. De huidige vangst- en dodingmethoden komen neer op ware marteling. Gevangen vissen sterven door verstikking, een doodsstrijd die tientallen minuten tot uren kan duren. Vis wordt levend van zijn ingewanden ontdaan. Paling wordt in een zoutbad gegooid. Een extreem pijnlijke methode, want door de gevoelige huid van de paling is dit te vergelijken met het ontstaan van brandwonden bij de mens. Het kan wel een half uur duren voordat de paling gestorven is.

Kan dit zomaar? Helaas wel. In wetten en regelgeving zijn dodingmethoden voor vissen niet opgenomen. In de wet staat dat een dier binnen 1 seconde dood of buiten bewustzijn moet zijn, maar als het om vissen gaat lijkt niemand zich om deze regels te bekommeren.


Nu wij zoveel meer weten over bewustzijn en gevoel bij vissen en hun ervaring van pijn en stress, hebben we een grotere verantwoordelijkheid voor een fatsoenlijke behandeling van deze dieren. Ook zij verdienen bescherming. Wetenschap, ethiek en filosofie kunnen helpen een middenweg te vinden tussen het welzijn van vissen en de voordelen die de mensheid geniet van (deze) dieren. Braithwaite laat in haar boek zien dat wetenschap een belangrijke bijdrage kan leveren aan deze discussie.

De vismarkt van Venetië.